Gewoon doen: whisky mét ijs

Het is een beetje vloeken in de kerk van whiskypuristen, maar er is helemaal niets mis met ijs in je glas whisky gooien. Het hangt er alleen vanaf wat je doel is én hoe je het doet.

Foto van culinair journalist Steffi Posthumus

Water

Menig whiskykenner zal je vertellen dat je whisky het beste kan drinken uit een tulpvormig glas. Daar komen de aroma’s het best in uit. Om die aroma’s nog meer naar voren te laten komen, kan je er wat druppels water aan toevoegen. Het water zorgt ervoor dat de eerste alcoholsmaak wat afzwakt, waardoor je andere, fijnere accenten kan proeven.

Ook op dat vlak zijn (felle) tegenstanders te vinden, die menen dat je de whisky daarmee teveel verdunt en het de pure smaak teniet doet.

Ijs

Hoe kouder je whisky, hoe meer de smaken en geuren worden gedempt. Ijsklontjes hebben daardoor het tegenovergestelde effect van (een paar druppels) water. Maar het heeft ook z’n voordelen: het maakt je whisky niet alleen verfrissender, het haalt ook de scherpe randjes eraf waarmee je dat branderige gevoel in je keel voorkomt. En laten we wel wezen: dat kan soms best fijn zijn.

Maar: je kan whisky ook overkoelen, waardoor de smaak verloren gaat. Bovendien: ijs smelt en dus loop je ook hiermee het risico je whisky (teveel) te verdunnen.

Dé truc

Hoe zorg je er nou voor dat je whisky wél gekoeld is, maar de smaken overeind blijven? Er zijn twee manieren: één groot ijsblok of een glas vol met ijsklontjes. Dat klinkt misschien vreemd, maar voor ijs geldt: hoe meer ijs in je glas, hoe beter ze elkaar helpen koud te blijven. De ijsklontjes hebben namelijk een isolerend effect. De temperatuur in het glas blijft dus koud, zonder dat het ijs (snel) smelt. De smaak van je whisky blijft dan behouden.

Lees meer van Steffi Posthumus