Food stories

Waarom Amsterdam de grootste kutstad is

Toscanini, Kaagman & Kortekaas, Choux, Bak, Rijsel, Entrepot, een beetje Amsterdammer weet: je komt hier (vooral in het weekend) niet aan een tafel als je niet al eeuwen van tevoren hebt gereserveerd.

Foto van culinair journalist FavorFlav

Wat is dat toch? Ieder kwartier opent er wel een nieuwe tent in de stad, dus aanbod te over zou je zeggen. Sterker nog; ik heb het even nagevraagd bij de KvK en er zijn maar liefst 2166 restaurants in de stad (althans: ingeschreven als zodanig bij de KvK).

Met 854.316 Amsterdammers, waarvan 688.154 ouder dan 20 jaar (laten we dat voor het gemak als leeftijdsgrens voor zelfstandig restaurantbezoek nemen), betekent dat dus 688.154 / 2166 = 317,7 Amsterdammers per restaurant. Mits íedere Amsterdammer boven de 20 op dezelfde dag uit eten zou gaan. Dat gebeurt precies nooit. Dus hoezo, echt HOEZO zitten zó veel restaurants nog altijd zó vol dat je letterlijk een maand van tevoren moet reserveren?

Lekkerbekken
Goed, dat antwoord is natuurlijk niet heel ingewikkeld: bovengenoemde restaurants zijn nou eenmaal steengoed. Amsterdammers (en toeristen en dagjesmensen en ieder ander die naar deze tenten gaat) zijn klaarblijkelijk zulke lekkerbekken, dat ze daar graag wat van hun spontaniteit voor inleveren en een bezoekje al ver van tevoren plannen.

Hacks
Nu ben ik best goed in plannen, maar niet als het om restaurantbezoeken gaat. Weet ik veel waar ik over een maand zin in heb? Dus vroeg ik Bram Kortekaas van Kaagman & Kortekaas of er speciale hacks zijn om tóch on the spot een tafeltje te kunnen bemachtigen.

Bellen
Hacks in de zin van een speciaal codewoord of geheime incrowd-reserveringssite heeft hij (helaas) niet. Wat handigheidjes daarentegen wel. “Allereerst zou ik zeggen: altijd bellen. Proberen kan altijd, je weet nooit of er een plekje is vrijgekomen. Je zal bij ons nooit worden uitgelachen met die vraag in ieder geval.”

Groepen
“Verder is een tafel voor twee in principe makkelijker geregeld dan een voor een groep van tien, maar ook dat hebben we wel eens gehad hoor. Doordat mensen zo ver van tevoren moeten reserveren, ‘bezetten’ ze ook maar gewoon een dag en tijd en besluiten dan later toch dat ze niet komen. Dus nogmaals: je weet nooit of er niet toch wat is vrijgekomen.”

Bar
“Goed, op vrijdag bellen voor een romantisch tafeltje voor twee diezelfde avond om acht uur wordt lastig, maar een plekje aan de bar hebben we altijd wel.”

Vroeg, laat of doordeweeks
“Ook later op de avond – of juist heel vroeg – valt er vaak nog wel wat te regelen. En doordeweeks een tafeltje bemachtigen is ook makkelijker dan in het weekend.”

Kortom; niet geschoten, altijd mis. Of zoals een wijs man genaamd Peter Jan Rens ooit zei: GEEF NOOIT OP!

Lees ook:

Geen foodnews Missen?

Ontvang tweewekelijks een update in je inbox