Bubbels: zo serveer je ze het best

Knallende kurken betekenen niet vanzelfsprekend een feestelijke bubbel. Zo haal je wel het beste uit je champagne of budgetbubbel.

Foto van culinair journalist Romy Kooij

Kies een bubbel die bij je past

Koop geen echte champagne als je niet te veel wilt uitgeven. Champagne voor een tientje is hoogstwaarschijnlijk niet zo lekker. Voor 10 tot 15 euro koop je beter een cava, prosecco, sekt of vonkelwijn. In die prijscategorie biedt een budgetbubbel gewoon betere kwaliteit. Kies er wel een met de echte champagnekurk (ipv een draaidop). Iets duurder, maar beter gemaakt, mooiere mousse en dus lekkerder. Wil je echt een feestje, dan ga je natuurlijk wel voor een mooie fles champagne.

Ken je stijlen

Brut nature, extra-dry, brut, sec, demi-sec en doux verwijzen naar het oplopende suikergehalte in de wijn. Brut is nog altijd het populairst (ook al is de extra droge brut nature bezig met een opmars), met in zijn kielzog demi-sec voor de zoetekauw. Blanc de blancs is van witte druiven gemaakt (meestal chardonnay) en blanc de noirs van blauwe (meestal pinot noir en/of pinot meunier).

Bewaar op de juiste manier

Bewaar de fles op een koele, donkere plaats. Het liefst horizontaal, dan droogt de kurk niet uit. Tip: mousserende wijn wordt over het algemeen niet beter als je hem lang bewaart.

Kies het juiste glas

De traditionele champagneflute is het meest gebruikte glas en ook prima voor gewone mousserende wijn. Heb je echt iets bijzonders (zoals een vintage champagne), drink de wijn dan uit een witte wijnglas of champagnecoupe. De verfijnde aroma’s komen daarin veel beter uit.

Serveer niet te koud

De ideale serveertemperatuur is zo’n 8 à 10 graden. Bubbels die dagenlang in de koelkast staan, zijn te koud. Elke mousserende wijn heeft een aanbevolen serveertemperatuur (staat meestal op het etiket). Over het algemeen zit je met zo’n 3 uur (liggend) in de koelkast of 20 minuten in een ijsemmer redelijk goed. Bij te koude mousserende wijn verdwijnen de aroma’s en is een wijn te warm, dan smaakt ‘ie minder levendig en log.

Open de fles als een pro

De kurk laten knallen is feestelijk, maar ook best zonde. Een echte pro draait het ijzerdraadje – of muselet – voorzichtig van de kurk (meestal zijn dat zes draaibewegingen) en laat daarna een duim op de kurk rusten. Vervolgens hou je met je andere hand de fles aan de bodem vast. Draai altijd aan de fles en niet aan de kurk. De kurk glijdt er dan vanzelf met een subtiel pufje uit. Met een sabreersabel kan het ook. En zelfs met een lepel of een mes kun je een champagnefles probleemloos openen.

Schenk halve glazen

Liever twee keer een gekoeld halfje met mooie aroma’s en een goede mousse, dan een lompe, geurloze bel die halverwege helemaal is opgewarmd en uitgebruist.

Ga een keer voor groot

Ben je met een grote groep, ga dan eens voor de wow-factor. Koop een magnum (1,5 liter / 10 tot 24 glazen), of maak indruk met een enorme Jeroboam (3 liter / 21 tot 40 glazen).

Lees meer van Romy Kooij