Portugese keuken

Portugese keuken: zon, zee en zinderende smaak

De Portugese keuken is hartig, huiselijk en gemaakt voor lange lunches met uitzicht op zee. Begin met een goed belegde francesinha – een kruising tussen een tosti en een vleesfestijn, overgoten met saus en gesmolten kaas. Of ga voor bifana: een broodje met gekruid varkensvlees dat net zo lekker is als het klinkt. Van het water? Dan is er bacalhau, gezouten kabeljauw die op wel honderd manieren wordt bereid. Probeer ‘m eens in bacalhau com natas, romig uit de oven, of op de klassieke manier in bacalhau à brás – met ei, ui en frietjes.

Stoof, soep en een vleug piri piri

Portugal houdt van stoof. Feijoada bijvoorbeeld – bonenschotel met vlees die de hele middag mag sudderen. Of een goed gevulde cataplana: dampend visgerecht met tomaat en koriander, geserveerd in een koperen pan. En als je een warm welkom wilt? Zet dan een kom caldo verde op tafel – groene koolsoep met chouriço en aardappel. Voor wat pit? Giet er wat piri piri overheen, de Portugese hot sauce die alles naar een hoger plan tilt. En vergeet carne de porco à alentejana niet: varkensvlees met schelpjes en koriander – klinkt gek, smaakt geweldig.

Zoet en vloeibaar goud

Toetjes? Die zijn hier nooit optioneel. Denk: pastéis de nata met knapperig bladerdeeg en romige custard, liefst nog warm uit de oven. Of bolo de bolacha – koekjestaart met koffie en botercrème, net zo machtig als verslavend. Voor feestdagen is er bolo rei, gevuld met noten en gekonfijt fruit. En tussendoor? Een kommetje arroz doce – Portugese rijstpudding met kaneel. Spoel alles weg met een glaasje vinho verde of een shot ginjinha, de kersenlikeur die een toetje op zich is.