The Really Quite Good English Cookbook

Volgens collega Emma ben ik een sucker voor alles wat met Engeland te maken heeft. Toegegeven: mijn allergrootse voorbeeld is Diana Henry, met een roast voor mijn neus transformeer ik terstond een glunderend zondagskind en als het even kan, reis ik op en neer naar Londen om met mijn broer te gaan eten. Maar een zwak? Nee, zo zag ik het niet helemaal. Tot ik The Really Quite Good British Cookbook voor mijn neus kreeg.

Foto van culinair journalist Renée Conradi

Er is iets aan de Engelse eetcultuur wat een enorme aantrekkingskracht op me heeft. Niet dat ik heel specifiek kan benoemen wat het is. Wellicht heeft het iets te maken met de tot op de dag van vandaag levendige pubcultuur, waar je naast een pint of wat terechtkunt voor een ultra-comfy bordje bangers and mash en een traditionele roast op zondagmiddag.

Tegelijkertijd loop ik op het irritante af over van enthousiasme als mijn broer me meeneemt naar de laatste hottest place in town – eens het vervelende kleine zusje, altijd het vervelende kleine zusje. We hebben het weleens voor elkaar gekregen om een diner bij Ottolenghi af te toppen met een salt beef bagel van Beigel Bake. Met extra pickles natuurlijk.

Londen: dit zijn mijn favoriete adressen

Engelsen doen het beter

Waar het zeker ook mee te maken heeft, is de frequentie waarmee en de wijze waarop Engelse kranten als The Guardian en The Sunday Telegraph aandacht besteden aan het sociale aspect van eten met vrienden en familie. Elk weekend verschijnt er wel een culinaire bijlage die druipt van de gezelligheid en het koken voor en met elkaar. Niet dat we het op dat vlak slecht doen in Nederland, maar de Engelsen doen het gewoon beter. Charmanter misschien ook.

En dan met name Diana Henry: mijn persoonlijke oppergodin als het gaat over eetschrijven. Met haar focus op de smeltkroes aan keukens en smaken die Engeland rijk is – van traditioneel Engels tot aan de Levantijnse en Indische keuken – tovert ze iedere keer weer de meest fantastische receptuur uit haar hoge receptenhoed.

‘In dit boek delen zij de gerechten die ze het allerliefst maken voor de mensen van wie ze houden’

The Really Quite Good British Cookbook

Maar goed, voor ik nog verder afdwaal; we hadden het over The Really Quite Good British Cookbook van William Sitwell, een enorme pil met culinaire bijdragen van honderd bekende en minder bekende Engelse chefs, bakkers en chef-koks. Sitwell: ‘De gerechten in dit boek zijn een voorbeeld van de Britse culturele mix – van Oekraïne en het Midden-Oosten tot Spanje en de verschillende Britse regio’s, en zullen iedere enthousiaste thuiskok inspireren.’

Hugh Fearnley-Whittingstall, Nigella Lawson, Jamie Oliver, Nigel Slater, Yotam Ottolenghi, Antonio Carluccio, Ruth Rodgers… In dit boek delen zij de gerechten die ze het allerliefst maken voor de mensen van wie ze houden. De kip met geroosterde aardpeer van Diana Henry is hier een uitstekend voorbeeld van, al ga ik vandaag eerst aan de slag met het Cornish saffraanbrood van Allegra McEvedy – nog zo’n lievelingsvrouw van me. Veel boter erop, een dampende kop Lady Grey erbij en het weekend is really quite good. Of ja, bijna dan. Want die weekendbijlage van The Guardian is nog steeds niet te koop in Nederland…


cover the really quite good british cookbook
Titel: The Really Quite Good British Cookbook
Auteur: William Sitwell
Uitgeverij: Veltman Uitgevers
Prijs: €30,-
Verkrijgbaar vanaf 12 maart


 

Lees meer van Renée Conradi