Meloen en ham

Het is een van de typische ‘ik ga barbecuen in het park en neem mee’ gerechten: meloen gewikkeld in rauwe ham. Maar wist je dat deze zomerse hap eeuwen vóór Christus ook al werd gegeten?

Foto van culinair journalist Steffi Posthumus

Culinair historica Charlotte Kleyn vertelt in Het Parool wat voor medisch (!) historische lading dit simpele voorafje heeft.

Medisch? Jazeker. Dat begon bij de Griekse arts Hippocrates (460 v.Chr. – 370 v.Chr.). Hij legde de basis voor de humeuren- of temperamentenleer. Volgens hem hingen het karakter en de gezondheid van de mens af van de balans tussen vier ­lichaamssappen: bloed (warm en vochtig), gele gal (warm en droog), zwarte gal (koud en droog) en slijm (koud en vochtig).

Karaktertrekken

Vurige, energieke mensen zouden een overheersende hoeveelheid bloed hebben, en werden sanguïnisch genoemd. Het cholerische type werd verondersteld snel kwaad te worden als gevolg van een teveel aan gele gal. Een teveel aan zwarte gal zou zorgen voor neerslachtigheid, introversie en depressies. Vandaar ook het woord zwartgallig. Flegmatici, mensen met veel slijm in hun lichaam, waren vooral kalm en weinig emotioneel.

Net als de lichaamssappen waren volgens deze leer ook voedingsstoffen in te delen in koud, nat, warm en droog. Het idee was daardoor dat je je eigen balans kon beïnvloeden door het eten van bepaalde combinaties voedingsstoffen. Driftig? Dan ben je te ‘warm en droog’, dus moet je koud en nat voedsel eten.

Meloen en ham

‘Meloen werd tijdens de middeleeuwen gezien als een zeer gevaarlijke vrucht, omdat hij heel koud en nat was. Er moest dus iets warms en droogs bij worden gegeten. Ham, kaas, wijn of zout werkten goed. Ham en meloen, dus. Om dezelfde reden is peer met een rijpe kaas als pecorino een beroemde combinatie,’ schrijft Kleyn.

Klinken deze ideeën je bekend in de oren? Zou goed kunnen: de Ayurvedische geneeskunde heeft eenzelfde soort indeling. Kleyn: ‘Rijst is volgens de Perzen koud, de Indiërs vinden hem heet en volgens de Maleisiërs is hij neutraal. Je kunt het dus nooit goed doen. Behalve bij ham en meloen. Dat kán niet anders dan goed voor je zijn.’ Maar of FavorFlavs Emma het daar mee eens is…

Lees meer van Steffi Posthumus