Winterkostwijn

Oh, die prachtige winterplaatjes. Met gloeiende oren, warme wangen en onze schaatsen uit het vet, krijgt iedereen zin in lekkere, smeuïge winterkost. Met daarbij – allicht – een welgekozen opwarmwijn. En is die altijd rood? Nee dus.

Foto van culinair journalist Romy Kooij

Uiensoep

Een eigenaardige soep die meer weg heeft van een gesmolten kaas-uiendip, dan van een echte soep. De Fransen drinken er traditioneel witte wijn bij. Zo een die ook past bij kaasfondue, zoals Chasselas of een Savagnin uit de Jura. Toch liever rood? Neem een fruitige, lichte Pinot Noir uit de Nieuwe Wereld, of een Gamay.

Snert met varkensvlees, spek & worst

Wist je dat vers gemaakte erwtensoep na een nachtje slapen opeens snert heet? Hoe dan ook, bokbier smaakt er heerlijk bij. Liever wijn? Dan vol wit, fruitig. In ieder geval eentje met genoeg frisheid en kracht om snertig tegenwicht te bieden. Denk aan Grüner Veltliner, Weissburgunder of een volle Sauvignon Blanc, zoals een witte Bordeaux. Voor rood kies je een Sangiovese of een lichte Syrah.

Pastinaaksoep

Pastinaak heeft een zoetige, behoorlijk uitgesproken smaak. Een fruitige, stevige witte past dan goed. Bijvoorbeeld een Viognier of een witte Bordeaux (blend sauvignon blanc en sémillon). Rode wijn kan ook, omdat het bittertje van de schil mooi samengaat met de tannines. Een lekker sappige Montepulciano d’Abruzzo bijvoorbeeld.

Spruiten

Een karakteristieke groente met een sterke koolsmaak; je aanbidt ze of je haat ze. En dat geldt eigenlijk ook voor de wijn die ze begeleidt. Wijn heeft het allesbehalve makkelijk bij dit geweld, maar het kan wel. Bij spruitenstamp met vlees en jus open je een stevige rode Rioja, Carmenère, Languedoc of Rhône. Bij een roerbakspruit past een witte beter: Grüner Veltliner, frisse Chardonnay (Chablis), of Chenin Blanc.

Andijviestamppot met spekjes & jus

Een behoorlijk rauw, groen en aards gerecht. Een beetje ‘groene’ rode wijn matcht dan goed. De vaak elegante Cabernet Franc vertoont veel overeenkomsten met zo’n maal. Bijvoorbeeld eentje uit het noordelijke Franse Loiredal. Neem een soepelere uit Saumur-Champigny, of een iets stevigere variant uit Chinon of Bourgueil. Tegenwoordig zijn er trouwens ook mooie Chileense opties.

Zuurkoolstamppot met eend

Zuurkool is de buitencategorie in het stamppotuniversum. Het zuur bepaalt hier. Rood is een uitdaging, tenzij je voor een echt lichte, gekoelde gaat, zoals een Duitse Spätburgunder of Frühburgunder. Maar mijn voorkeur gaat uit naar wit; een met karakteristieke zuren en een zwoel zoetje voor bij het eendenvet. Bijvoorbeeld een mooie karaktervolle Silvaner, een Riesling Feinherb, of een droge Elzasser Pinot Gris.

Hutspot

Hutspot met rookworst of een speklap. De wortel is zoet en aards en het vlees voegt dan een lekker zout vetje toe. Zwoel rood uit Spanje, de zuidelijke Rhône of zuidelijk Italië – dus van monastrell, garnatcha (grenache) of nero d’Avola – is daar een heerlijke begeleider bij. Maar gezien de zoetige worteltoon past een stevige rosé misschien nog wel het best.

Boerenkool met worst

De ultieme boerenkoolwijn is voor mij Syrah, of Shiraz als ‘ie uit Australië komt. Zo’n hap met vettige worst en het aardse van boerenkool vraagt om een begeleider die vol en stevig is. De stevige, complexe wijnen uit de Spaanse Ribera del Duero en de Franse Costières de Nîmes nemen overigens een meer dan eervolle tweede en derde plek in op de lijst.

Pompoenrisotto

Pompoenrisotto is ook weer aards en toch fruitig, dus hartig en zoet tegelijk. Een wijn die daar uitstekend bij past is de Italiaanse Greco di Tufo. Zo’n karaktervolle witte wijn met fruitige tonen is er heerlijk bij. Maar er kan veel meer. Champagne, Pinot Blanc, Sauvignon Blanc en zelfs een lichte Chardonnay (Chablis) is lekker. Wil je toch liever rood, kies dan voor een sappige sangiovese-achtige.

Hongaarse goulash

Bij pittige goulash drink je een volle en liefst kruidige rode wijn. Die mag best wat tannines bevatten en een licht zoetje blust het pikante van zo’n gerecht. Blendwijnen (meerdere druivenrassen) met syrah en grenache in de hoofdrol passen daarom goed. Denk aan Châteauneuf-du-Pape, Spaanse Priorat, of spannend Libanees. Piemontees rood (nebbiolo) kan ook. Maar het allerleukst is natuurlijk de Hongaarse Egri Bikavér (Stierenbloed), met onder andere de Hongaarse druif kékfrankos.

Lees meer van Romy Kooij