Tips & tricks

6 veelgemaakte fouten van beginnende broodbakkers

Je krijgt op social media al wekenlang de ene na de andere foto van prachtige zelfgemaakte broden om je oren, en je wil al de héle tijd dat we moeten #thuisblijven mee op de zelfbak bandwagon. De broodbakmachine heb je prompt weggeflikkerd, je hebt misschien met pijn en moeite een zuurdesemstarter grootgebracht alsof het een peuter betrof, en nu wil het maar niet lukken met dat brood?!

 

Foto van culinair journalist Delilah Warcup - van Eyck

Het is heel goed mogelijk dat dat één van onderstaande oorzaken heeft. Lees mee, en kijk of de oplossing naar jouw zelfgebakken broodwalhalla hiertussen staat.

Deze 6 fouten maken beginnende broodbakkers het meest (+ de oplossing!)

  • Je hebt je gist vermoord. Je zit met een onbedoeld plat brood (anders was je wel platbrood gaan maken) en je baalt als een stekker. Volgende keer goed opletten (= voelen) of het water niet te warm en niet te koud is. Het moet prettig handwarm aanvoelen.
  • Je gebruikt niet het meest geschikte meel. Je wilde een stevig brood, zuurdesem of niet, maar je had alleen patentbloem (wat eigenlijk voor cakes of koekjes bedoeld is). Of je probeerde een focaccia te maken met roggemeel: ook niet ideaal. Kijk goed om welk soort meel of bloem jouw recept vraagt, het luistert nauw.
  • Je kneedt niet (lang) genoeg. Na tien minuten kneden heb je zo’n lamme arm dat je denkt ‘ja doei’, en je raffelt het vervolgens maar een beetje af. Vijftien tot twintig minuten is wel het minimale om de gluten het best tot hun recht te laten komen. De beste oplossing is natuurlijk een staande mixer met een deeghaak.
  • Je bent te ongeduldig om het deeg goed te laten rijzen. Geduld is echt een schone zaak hier. Te weinig rijstijd en je zit straks met een te compacte en taaie structuur. Volg goed de instructies maar, net zoals elke oven net even anders kan zijn, moet je het deeg ook goed in de gaten houden want de plek waar je jouw deeg laat rusten kan natuurlijk warmer of kouder zijn dan die bij iemand anders.
  • Je wil te snel aan de slag met je eigen starter, zodra je de eerste belletjes ziet. Als je een starter ‘from scratch’ maakt, moet je niet vreemd opkijken als je pas één tot twee weken later een keer aan je eerste zuurdesembrood begint. Wacht tot je starter een regelmatig patroon vertoont van rijzen en zakken.
  • Je wilde per se warm brood. Laat je brood goed afkoelen. Als je een brood dat net uit de oven komt te snel aansnijdt krijg je een gummi-achtige structuur en zal de rest van je brood sneller oud en droog worden. Laat het echt de eerste paar uur met rust.

Succes! Je doorzetting zal worden beloond met verrukkelijk vers en stevig brood, dat alleen al genoeg heeft aan bijvoorbeeld de allerlekkerste roomboter. En wat natuurlijk altijd kan als je eigenlijk het geduld van een opgefokte kolibri hebt (that would be me): je lokale bakkertje steunen en hun noeste arbeid mee naar huis tronen.

Lees ook:

 

 

Geen foodnews Missen?

Ontvang tweewekelijks een update in je inbox