Opinionated

Onze man in de provincie is op Ameland

Hij at meerdere malen per week buiten de deur, was altijd op zoek naar de lekkerste haring, leukste wijn, sappigste hamburger of beste vleesthermometer. Maar een half jaar geleden verruilde journalist Marcel Langedijk Amsterdam voor De Provincie. Is het daar een beetje vol te houden voor een liefhebber van het betere eten en drinken? Jawel. Zeker als je in de winter naar Ameland gaat.

Foto van culinair journalist Marcel Langedijk

Al voordat ik in de provincie woonde kwam ik graag in de provincie. Dat klinkt in deze dagen van boze tractorboeren en verborgen boerderijgezinnen misschien wat raar, maar het is zo. Hoog op de lijst met provinciebestemmingen: de eilanden. En dan met name Ameland en Texel, want ik geloof dat ik weleens op Terschelling ben geweest en misschien zelfs op Schiermonnikoog, maar daar kan ik me dan niks van herinneren. En Vlieland heb ik sowieso nooit bezocht. Mochten de VVV’s van deze drie voor mij weinig bekende eilanden dit lezen: ik laat me graag uitnodigen voor een trip langs jullie horeca, zodat ik daar op deze plek journalistiek onafhankelijk verslag kan doen. Zelfs in de winter. Of eigenlijk juist in winter, want ik ben dol op de Waddeneilanden tijdens de donkere dagen. Geen toerist te zien, vuig weer, stormwind, woelige baren, knapperende haardvuren, lokaal gestookte alcohol, cafés vol shagrokende vissers in vieze regenpakken en dat alles voor de helft van de prijzen die je in het hoogseizoen betaalt.

De man met de luidste stem van Ameland

Het is niet voor niks dat ik vrijwel elk jaar rond deze tijd afreis naar Ameland. Daar zit hotel Nobel, een familiebedrijf dat al zevenduizend jaar bestaat – ik kan er iets naast zitten – en dat niet alleen dat hotel, maar ook een restaurant, café en slijterij behelst. Gerund door Barend Nobel, een man met een hart van goud, een blij gemoed en de luidste stem van het hele eiland. Het café is van het type bruin/biljart/chesterfield/haardvuur, het hotel is trendy en comfortabel – ik pleit hierbij voor een hernieuwde opmars van het jarentachtigwoord ‘trendy’, maar dit terzijde – en de slijterij is goed geoutilleerd en wordt bemand door Klaas Jan en Dirk, die meer van Ameland (en drank) afweten dan de rest van de bevolking – ik pleit hierbij ook voor een terugkeer van de namen Klaas Jan en Dirk.

Altijd voldoende, soms uitstekend

Het restaurant dan, vraag je je af. Wel, dat kampt af en toe met het probleem waar ze op de eilanden wel vaker mee kampen: het vinden van een goede chef die het eilandleven aankan. Want laten we eerlijk zijn: een weekendje TV-TAS is leuk, maar dan wil je toch snel weer naar de bewoonde wereld, als niet-eilander. Begrijp me niet verkeerd: het Nobel-restaurant serveert gemakkelijk het beste eten van Ameland, maar de kwaliteit wilde in de tien jaar dat ik er kwam nog weleens wisselen. Altijd een ruime voldoende, daar niet van, maar soms uitstekend en na zo’n uitstekend is het lastig terugkomen bij die voldoende, hoe ruim ook. Zeker als je er slechts een of twee keer per jaar komt. Maar ik begrijp de loden last van Barend c.s. en de wijn- en borrelkaart, het personeel, de sfeer, het ontbijt en eigenlijk het gehele eiland zelf maken heel veel goed.

Er is altijd nog drank

Tot slot is er het Nobeltje, bekend bij iedereen die het eiland ooit bezocht. Zo oud als de familie Nobel zelf, dit zoetige likeurtje op basis van Oudhollandse rum dat je jezelf prima als shot kunt toedienen en het voor de ouderen goed doet naast de koffie. Maar ook het Nobeltje is net als het hotel met de tijd mee gegaan: cocktailkoning Tess Posthumus maakte speciaal voor Barend een roedel cocktails, die het lekkere-maar-toch-ietwat belegen drankje ook geschikt maken voor trendy randstadvogels. Mocht Ameland je alsnog te ver zijn: je kunt ze ook zelf maken. Maar dan mis je wel wat.

Lees ook:

Geen foodnews Missen?

Ontvang tweewekelijks een update in je inbox