eating abroad

Zeven dingen die je als eetliefhebber vooral niét moet doen in Malta

drie handen met pizza op Malta

Malta mag dan klein zijn, maar als het op eten aankomt, is dit eiland groots. Heel veel zon, zeevruchten verser dan vers en streetfood om je vingers bij af te likken. En dat allemaal zonder je bankrekening te plunderen. Maar ook in het eetwalhalla van de Middellandse Zee zijn er valkuilen voor foodies. Dit zijn zeven dingen die je níét moet doen als je in Malta bent.

Foto van culinair journalist Sharon van Lokhorst

1. Alleen maar pasta eten

Natuurlijk, je bent in de buurt van Italië, niet ver van Sicilië en waarschijnlijk waren de Siciliërs er de eerste heersers, maar Malta heeft zó veel meer te bieden. Denk aan pastizzi, de bladerdeeghapjes met romige irkotta (de lokale kaas die inderdaad verdacht veel klinkt als die Italiaanse kaas), de hartige konijnenstoof fenkata (stuffat tal-fenek), vissoep vol gamba’s (aljotta) en dips zoals bigilla, met knoflook en chili. Smeer ‘m op brood, eet ‘m bij je vis, of dip er gewoon je vinger in, no judgements hier hoor. De Maltese keuken is een feest van mediterrane smaken met een eigen twist. Dus vergeet dat bord pasta en de standaard pizza en proef de échte klassiekers.

2. Geen ftira proberen

Zeg je Maltees streetfood, dan zeg je ftira. Dit ronde, platte brood wordt gevuld met tonijn, tomatenpuree, olijven, kappertjes en basilicum. Voeg wat wat extra ġbejna toe – de Maltese schapenkaas – en je snapt waarom de locals dit overal eten. Pro-tip: eet ‘m met uitzicht over zee. Malta heeft genoeg plekjes waar je zonder tafellaken Michelinwaardig kunt snacken.

3. De vissersmarkt in Marsaxlokk overslaan

Elke foodie weet: waar de vissers zijn, is het vers. De zondagmarkt in Marsaxlokk is zo’n plek. De naam van het dorp komt van marsa ( dat haven of baai betekent in het Arabisch) en xlokk is het Maltese woord voor zuidoost. Ga vroeg, koop wat gamba’s en haal een pot lokale honing voor thuis. (Tip: in een plastic zak! We spreken uit ervaring..) En als je geen zin hebt om te koken? Schuif aan bij Il-Kartell op Gozo voor fishcakes en aljotta.

Traditional fishing boats in the Mediterranean Village of Marsaxlokk, Malta
Traditionele vissersboten in Marsaxlokk

4. De lokale drankjes laten staan

Bierliefhebber? Proef Cisk, het nationale bier. Likeurfan? Bajtra van cactusvijg is jouw nieuwe zomerhit. Frisdrankfreak? Probeer het retrodrankje Kinnie. Dit goudbruine drankje wordt gemaakt van zure sinaasappelen en kruiden en de bittere, citrusachtige smaak doet denken aan de Italiaanse chinotto-drankjes. En wijn? Malta heeft twee inheemse druiven: de rode ġellewża en witte girgentina, en de flessen van Ta’ Betta en Meridiana mogen zó in je koffer. Nogmaals: verpak ze in een plastic zak.

5. Denken dat het allemaal Brits is

Ja, er zijn rode telefooncellen en ja, je rijdt links. Hoe dat zo? Welnu; van 1800 tot 1974 waren de Britten heer en meester op het eiland. Maar laat je niet foppen: Malta is een kruispunt van culturen. Van Arabisch klinkende straatnamen tot Italiaanse invloeden op je bord. De Maltezen spreken perfect Engels, maar koken met hart en ziel Maltees. En dat proef je.

6. Alleen maar in Valletta blijven

Valletta is prachtig, kleurrijk en culinair gezien een walhalla, maar ga ook eens naar Dingli (en dan naar restaurant Barbajean!) Of spring eens op de ferry naar Gozo, waar je bij Ta’ Mena een fles wijn scoort en je tanden zet in Maltese worst met koriander en knoflook. Of ga picknicken bij de Dingli Cliffs met zelfgekochte pastizzi en een fles wijn. Romantischer wordt het niet. Oh wacht, toch wel: op Malta vind je het meest romantische restaurant van Europa!

7. Denken dat het duur is

Spoiler: Malta is verrassend betaalbaar. Een snack als pastizzi kost minder dan een euro, een glas Maltese wijn bestel je voor onder de drie euro, en bij veel eettentjes eet je drie gangen voor een paar tientjes. Ga naar de lokale markt en waar de locals eten, en je eet als een koning voor een backpackersprijs.

Lees ook:

Geen foodnews Missen?